Hoe is het nu met?

Het mooiste meisje van de stad/Ciske van Oosterhout: De grote schoonmaak van een regelfee

Een serie over inspirerende Utrechtse vrouwen die een jaartje ouder worden. Ciske van Oosterhout (48): ““Heerlijk om ouder te worden, met alle bagage waar je van hebt kunnen leren.”

Bij ons in de straat is de nummering nogal verwarrend” had Ciske mij verteld, “maar als ik zeg bij de gele paprika dan zie je het vanzelf”. Inderdaad stond bij nummer 19 een gigantische gele paprika in de tuin naast een gele tuinbank. Eenmaal binnen hangt aan de kapstok een gele jas en op de grond staat een gele tas. In de keuken, waar we aan de tafel gaan zitten, valt mijn oog op nog meer geel, tot een gele Le Creuset pan aan toe. Jongste zoon Pablo is nog iets vergeten. Als een wervelwind komt hij de kamer binnen: gele jas, gele broek en gele sneakers. Nu kan ik het niet meer laten. “Wat heb jij met geel?” “Ik met geel?” Ciske kijkt mij vragend aan “Een vrolijke zonnige kleur, ik zie dingen vaak van de sunny side. Misschien is dat het, maar zo veel geel is mij eigenlijk nooit opgevallen.” Zegt Ciske, om zich heen kijkend. Het zal een gesprek worden met een vrouw die mensen blij wil maken. ”Ik kan soms huilen wanneer ik mensen zie die met elkaar plezier hebben en ergens van genieten.” 

Foto: Abe Verlaan

Ciske van Oosterhout in 1972 geboren in Den Haag. Mijn moeder was Miss Westland en mijn vader een Haagse rocker. Hij is Hans van Oosterhout, de producer van o.a. Haagse Rockband Supersister. Onlangs verscheen een vuistdik boek van Fred Baggen over de groep. Mijn vader was het vijfde bandlid. Samen met Robert-Jan Stips was hij degene die de gekke sounds bedacht. Bij ons waren de leden van Golden Earring en Herman Brood kind aan huis.  Geen gezonde situatie voor een kind om in op te groeien. Veel drank en drugs, niet alleen een jointje maar ook LSD. Mijn moeder vertrok met mij en we woonden op heel veel verschillende plekken. Zij ontmoette haar nieuwe man en kreeg met hem nog twee dochters, mijn half zusjes. Ik was een heel zelfstandig en ondernemend kind en wilde al snel een eigen pad inslaan en weg uit huis. Ik had rond mijn vijftiende een vriendje dat het MDGO Agogisch Werk met de specialisatie Recreatie en Toerisme in Utrecht volgde en dat leek mij ook wel iets dat bij mij paste. Ik kreeg leuke vrienden en mijn bestaan kreeg een vastere basis.”

“Ik had toen een vriendje in Amsterdam en verhuisde naar die stad waar ik het verschrikkelijk vond”

“Ik volgde de opleiding tot recreatie leider en kon  al snel de theorie in de praktijk brengen. Op campings door heel Nederland organiseerde ik allerlei activiteiten voor de kinderen. Ik had toen een vriendje in Amsterdam en verhuisde naar die stad waar ik het verschrikkelijk vond. Ik voelde mij daar zo verloren en had het idee dat niemand me zou vinden wanneer ik dood op bed lag. Ik had, toen ik in Utrecht woonde, mij ingeschreven bij Woningnet en mij nooit uitgeschreven. Plotseling was er een “plankwoning” beschikbaar. Het was een flatje in Zuilen dat op de nominatie stond om gesloopt te worden en waar ik anti-kraak in kon gaan wonen. Ik was weer super happy en voelde mij thuis. Het luidde mijn leven in Utrecht in. Ik volgde een HBO opleiding Culturele en Maatschappelijke Vorming en de richting Media trok mij. Ik vond een stageplek bij de Stadsomroep Utrecht, waar ik alle kansen had en zelfs een betaalde baan als hoofd productie kreeg. Mijn leven is toen echt begonnen. Als afstudeerproject mocht ik het feest rond Koninginnedag en -nacht organiseren. Op een ponton aan de werf  voor het Kasteel van Antwerpen aan de Oudegracht hadden we vierentwintig uur live-muziek. Het was een geweldig feest, de hele gracht stond vol. Burgemeester Opstelten sloot de dag af met als laatste nummer voor de band: “I Will Survive”. De Stadsomroep vervulde toen nog een pioniersfunctie en alles kon en mocht mits er maar verbinding was met de stad. Ondertussen werkte ik ook in café Willem Slok, de stamkroeg van de omroep, waar ik later ook nog bedrijfsleider werd.”

In Willem Slok

“Na de Stadsomroep werkte ik onder meer bij John de Mol producties maar de sfeer van de  “Gooische Matras”, was niet mijn sfeer”

“Daar bedachten we met collega’s van de Stadsomroep van alles en het is nog steeds de plek waar ik veel mensen zie. Ik was vrijgezel en een nachtbraker, in de avond werkte ik daar en overdag had ik mijn baan. Na de Stadsomroep werkte ik onder meer bij John de Mol producties maar de sfeer van de  “Gooische Matras”, was niet mijn sfeer. Terug naar het “Utrechtse”:  Café de Leugen, de Kameel, Casa Sanchez en ’t Pandje, de Vloer.  Ik werkte inmiddels als Cultureel jongerenwerker in Tuinwijk waar ik een muziekstudio opzette. Daar ontmoette ik mijn (inmiddels) ex-man die Sport jongerenwerker was, Samen bedachten wij in het Griftpark een Sport- en Cultuurfestival voor kinderen en jongeren waar cultuur en sport samen moesten komen. We hebben nog een tijd naar een plek gezocht waar we een Sport- en Cultuurhuis konden opzetten in Utrecht. Dat besloten we niet te doen en ons te focussen op onze eigen bedrijven. Hij zijn judoschool en ik mijn bedrijf “de Regelfee”,  waar ik vooral activiteiten en festivals voor kinderen organiseerde.”

Met Abe (l) en Pablo

Samen kregen we twee jongens: Abe en Pablo (inmiddels 14 en 11 jaar).  Ik werd gevraagd om op de Dr Bosschool in Tuinwijk een BSO op te zetten. In leegstaande klaslokalen een breed activiteitenaanbod bieden in samenwerking met de school zodat er geen knip was tussen de schooltijd en de BSO-tijd. Ik nam HBO-geschoolde mensen in dienst, als je iets doet dan moet je goed doen, ik zette altijd in op kwaliteit. Binnen drie maanden groeiden we van drie naar zestig kinderen en zo ging dat door. In Lombok vroeg men mij om iets dergelijks op te zetten en wat begonnen was als een toevallige vraag werd een BV met vierenveertig werknemers: De Sterren BSO. We boden kwaliteit in de activiteiten en samenwerking met het onderwijs. In de Dr Bosschool kregen we nieuwbouw en ik deed een forse investering door de complete benedenverdieping zo in te richten dat in een handomdraai de schoolse sfeer in bijvoorbeeld een atelier en speelplek veranderde. Ook in mijn vrije tijd zat ik niet stil. Ik organiseerde o.a. straatfeesten en na een succesvolle bruiloft van een vriendin bedachten en organiseerden we het Festival d’Amis. Een festival voor en door vrienden, bedoeld voor vijftig mensen maar het werden er vijfhonderd. Inmiddels is op die plek de succesvolle camping de Lievelinge in Vuren, waar ik later ook zelf nog trouwde dat werd  ook weer een groot feest.”

Bij de BSO

“Ik had veel pijn maar het bracht mij ook iets van puurheid: doe ik nog wel wat ik wil?”

“Ik werd van een “Regelfee” een directeur met veel managementoverleg en moest me vooral bezig houden met steeds strenger wordende wet- en regelgeving. Een breekpunt kwam toen ik mijn arm verbrijzelde, nu vijf jaar geleden, door een stomme val van een trappetje op de camping in Zuid-Frankrijk. Ik kon mijn hand niet meer goed gebruiken door de beschadiging van een zenuw. Ik had veel pijn maar het bracht mij ook iets van puurheid: doe ik nog wel wat ik wil? Ik voelde ook dat onze relatie niet meer goed was en we gingen uit elkaar. Ik maakte met de jongens een mooie reis naar Nieuw Zeeland waarbij wij leerden dat we ook met z’n drietjes een gezin konden zijn. Er kwam een organisatie op mijn pad die geïnteresseerd was in mijn bedrijf, ze hadden een goed verhaal. Ik verkocht de Sterren BSO en behield de Regelfee, want dat ben ik. Ik kocht mijn vrijheid, nu twee en een half jaar geleden. Ik wilde alles wat niet goed voor me was achter me laten. Het werd ook tijd om ons huis in Lunetten, waar we zeventien jaar hebben gewoond, waar de jongens op straat hebben leren lopen en  fietsen, te verkopen. Ik wilde terug naar de plek waar ik mij het meest thuis voel: de Vogelenbuurt. Ik kan het iedereen aanraden om even rust te nemen en je leven te heroverwegen. Ik was bevriend geraakt met Judy Blank, een Utrechtse singer-songwriter en tijdens corona  bedachten wij voor een aantal artiesten die thuis zaten de “Quar-On-Tour”. Kleine, intieme optredens in het bos en op campings. De artiesten hadden weer hun publiek en de aanwezigen weer live muziek. Was ik zo maar in de voetsporen van mijn vader getreden: toch in de muziek. Ook stonden de podia en theaters leeg en hadden middelbare scholieren geen les. Als ik nou voor leerlingen van de school (X11) van mijn oudste zoon een alternatief lespakket kon aanbieden geënt op cultuur. Theaterlessen in de Stadsschouwburg, lessen fotografie in samenwerking met NaSk (Natuur en Scheikunde-red.) in de donkere ruimte van de Ekko en een uitleg over wat een poppodium is in de Helling. Het was weer een echt Regelfee-ding. Iets wat mijn echte persoonlijke missie het meest raakt en waar ik me al jaren hard voor maak onderwijs is ook anders te organiseren.  Het kan vakoverstijgend aangeboden worden met niet alleen de nadruk op de cognitieve vakken.”

“Ik werd aangenomen en ineens zou 2021 een heel ander jaar worden: alles wordt nieuw”

“Na ruim twee jaar de ruimte te hebben genomen, moest ik toch weer geld gaan verdienen. Binnen mijn netwerk kwam de vacature voor kwartiermaker bij een nieuw op te zetten Montessori Campus langs. Een plek voor kinderen en jongeren van 0-18 jaar om een leven lang te leren, op eigen tempo met ruimte voor meer dan cognitieve vakken, ook cultuur en sport. Het was wel in Almere, maar wat blijkt: in Almere is alles mogelijk qua visie en plek. De man/vrouw die men zocht, dat was ik. De kartrekker, de verbinder, werken voor kinderen en jongeren, een team bij elkaar brengen en dat alles volgens de onderwijsvisie van Maria Montessori. Ik werd aangenomen en ineens zou 2021 een heel ander jaar worden: ik werk in loondienst, ik ga verhuizen, alles wordt nieuw. Ik neem afscheid van iets moois om iets nieuws te bereiken.” 

In de trein naar Amsterdam

Hoe is het om ouder te worden? 

“Heerlijk, met alle bagage waar je van hebt kunnen leren. Niet dat ik dingen niet had willen doen, maar achteraf had ik misschien toch andere keuzes moeten maken. Ben blij dat ik geleerd heb echt naar je gevoel te luisteren. De lichamelijke aftakeling vind ik wel een beetje jammer, maar daar kun je aan werken”. 

Tennis Bridge of Yoga? 

“Ik moet eigenlijk naar fitness, ik sport omdat het moet.  Nu alles dicht is loop ik, alles wat te belopen is grijp ik aan. Straks loop ik van mijn oude huis in Lunetten naar mijn nieuwe huis in de Vogelenbuurt waar nog druk verbouwd wordt.” 

Is je stijl veranderd? 

“Nee, eigenlijk niet. Ik kleed me naar de functie die ik heb.” 

Waar sta je over twintig jaar? 

“Ik hoop dat ik dan uitgewerkt ben, dat ik klaar ben met moeten. Ik kan me voorstellen dat ik dan nog wel bestuurlijke functies bekleed. Ik zal altijd een plekje in Utrecht willen blijven houden maar best kans dat ik dat afwissel met wat meer zon in het zuiden.” 

Wat vind je van de Utrechtse vrouw? 

“Ik ontmoet krachtige en sterke vrouwen. Mooie vrouwen die weten wat ze willen en een tikkeltje eigenwijs. In Utrecht ben je wie je bent, zonder opsmuk.” 

Aan wie geef jij het stokje door? 

Aan Jelleke Meijer, ik ken haar nog uit mijn Willem Slok-tijd. We lopen al heel wat jaartjes met elkaar op en hebben samen veel gedaan en bedacht, waaronder Festival d’Amis. Zij is creatief, veerkrachtig, heel erg lief en geduldig. Zij kent alles en iedereen in de stad en heeft haar creatieve stempel gedrukt op heel wat horeca in Utrecht.   

Yontie Helders

3 reacties

Reageren
  1. Ciske wat een levensverhaal tot nu toe, leuk om te lezen dat je zoveel verschillende dingen hebt gedaan, en zeker leuk om je op deze manier een beetje te leren kennen, Xxxx Rita

  2. Ciske, wat een mooi verhaal. Een prachtige sterke vrouw ben je, een levensgenieter die bewust haar eigen weg bepaald. Je mag trots zijn op je levenspad!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *