Nico van de Ven verlaat na 40 jaar de Blauwkapelseweg: weer een karrenspoor dichtgereden 

Nico en Piet halen de bloemenkraam neer. Op 1 juli moet alles weg zijn (foto: Bert van den Hoed)

Zijn klanten wisten al een tijdje dat zijn vertrek aanstaande was. Bloemenman Nico van de Ven had tot Vaderdag aan de Blauwkapelseweg willen blijven staan, maar vanwege de hittegolf werd het een paar dagen eerder. Vrijdag ging de laatste bloem de deur uit. 

Ineens staat Nico van de Ven woensdag aan de Blauwkapelseweg met een handbijltje z’n bloemenkraam in elkaar te slaan. Er zit niks anders op, hij moet op 1 juli zijn standplaats kaal opleveren. Zijn maat Piet Groeneveld helpt mee. Die had voorspeld dat één container genoeg zou zijn, want Piet is een positief en optimistisch mens. Maar nu is het de vraag hoe het verder moet, want het gaat met geen mogelijkheid lukken. 

Je kunt in Utrecht je kont niet keren of er gaat iets dicht of weg. Dat geeft niet, daar is een stad voor, anders hadden we nu nog bij de Wittevrouwenpoort aan moeten kloppen om verder te komen. Maar soms hoop je op enige clementie van de geschiedenis.

Wat dan? Om dicht in de buurt te blijven, in korte tijd: snackshop Hans (waar Rita Verdonk nog frites heeft staan bakken), de groentewinkels van De Onvergetelijken (Ganseman, Van Doesburg en Toonen), de vishandel van Gerrit Lijffijt, Chinees-Indisch restaurant Nieuw China, de sinistere muur van het Huis van Bewaring, de Surinamer Pomo, bioscoop City en zo verder tot we over een paar honderd regels aan de andere kant van de stad zijn beland.

Dynastie

Nu is de bloemenkraam van Nico van de Ven in de bocht van de Kleinesingel aan de beurt. Nico kapt ermee. De jongste telg uit een dynastie van bloemenhandelaren op straat heeft er genoeg van. Zijn opa stond er met een stalletje nog tegenover de gasfabriek, daarna zijn vader en de laatste veertig jaar Nico zelf, eerst als jochie samen met zijn opa en z’n vader, later als eigen baas. 

Nico (55) heeft geen zin in een interview. Hij is overal klaar mee, wil er gewoon vanaf, dus geen vragen over hoe het allemaal zit en hoe en wat en waarom. Verslaggevers moeten dat respecteren, zo is dat. Aan de andere kant: aan Frenkie de Jong vraag je ook niet of het goed is dat er een stukkie over hem komt. Dus zeggen wij wel wat.

.De bloemen konden Nico van de Ven niet meer opbeuren (Foto Angeliek de Jonge) 



Maar wat moet je zeggen? Nico, met een tandenstoker in zijn mondhoek en die mooie bloemen van hem, wil je niet missen. Zoals er mensen zijn die blij worden als ze de Dom in de verte zien staan, zo daalde er jaar of veertig een grote rust op me neer als ik aan het eind van de Wittevrouwensingel de laatste bocht nam en in de hoek dat wrakke bloemenimperium van hem zag staan. Bijna thuis! 

Dat is vanaf nu voorbij. Weer een karrenspoor dichtgereden.

Soap

Hij was een van de hoofdpersonen in de soap rond de straatverkopers van drie jaar geleden. De kortst mogelijke samenvatting: 81 vergunninghouders kregen van de ene op de andere dag te horen dat ze zonder kraam op straat zouden komen te staan. Een pervers gevolg van Europese regels die ze in Utrecht strikt wilden naleven. Een volksopstand bereikte het gemeentebestuur dat gelukkig ook nog bleek te kunnen luisteren. De meeste standplaatshouders mochten uiteindelijk de komende vijftien jaar blijven staan, onder wie ook Nico.

Maar nu houdt ie er dus toch mee op. Hij was het plezier in zijn werk kwijtgeraakt, dat is de kern. De plek die hem zo vertrouwd en lief is, bleek niet in staat om hem vast te houden. De regeltjes, het veranderende contact met zijn klanten, de sfeer in de stad, alles begon in de weg te staan. De bloemen beurden hem niet langer op. 

Of hij zijn klanten zal missen? Vast niet allemaal. Gaan klanten Nico missen? Vast niet allemaal. Veel klanten komen nu nog even langs, dat wel. Duwen kaartjes door de kieren van de gammele deuren of zetten een flesje neer.  

De buren

Zijn directe buurman Max Borg is als geen ander bevoegd het vertrek van Nico te bespreken. Sinds 1977 heeft hij met zijn fysiotherapiepraktijk op de hoek van de Blauwkapelseweg en de Gildstraat de hele familie Van de Ven recht voor zijn neus gehad. Zelf woont hij boven de zaak. ,,Het contact was altijd goed’’, zegt hij. ,,Met opa, vader én met Nico.’’
  Nico nam als grootgrondbezitter van stoeptegels steeds meer ruimte in. Max heeft er nooit moeite mee gehad. ,,Of ik blij ben dat ik mijn uitzicht weer terugkrijg? Dat zie je verkeerd. Ik raak mijn uitzicht kwijt! Ik heb altijd genoten van de manier waarop hij zijn vak uitoefende. Dat kon ik vanuit mijn raam zien. Zette hij een vaas neer, dan nam hij even afstand en ging een tijdje schikken. Tot het goed stond. Hij plaatste vaak veel te grote vazen waarvan hij wist dat ie ze niet verkopen zou. Maar hij ging voor de mooiste presentatie. Ik zag liefde voor zijn vak. Daar geniet ik van.’’ 

Opa Van de Ven begon in de jaren vijftig een bloemenstal aan de Kleinesingel, recht tegenover de oude gasfabriek aan de Blauwkapelseweg (Foto archief Wijkkrant Wittevrouwen)

Max heeft voorzichtig geïnformeerd bij de gemeente wie of wat de leeggekomen plek gaat opvullen. Dat is nog niet duidelijk, in elk geval niet iets met voedsel, kreeg hij te horen. Misschien toch weer bloemen? Het zou kunnen, al zullen Nico’s opvolgers grote vazen te vullen hebben.




 








Laat uw reactie achter

Reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *