Onze columnisten

Lente in tijden van Corona

Het verschijnsel was tamelijk gewoon, maar trof me als heel bijzonder. Met een gul vertoon van zonneschijn maakte de lente een begin aan de intocht in de stad. Het was verheugend in een klimaat vol corona. Ik zag veel opgewekte mensen in de straten en in het Wilhelminapark. Vanzelf schoot de titel van Márquez’ roman me te beginnen: Liefde in tijden van Cholera.

Het was de dag dat in Frankrijk een ‘totale lockdown’ was ingegaan en het EK-voetbal werd verplaatst naar 2021, nadat eerder al besloten was om de Giro d’ Italia uit te stellen. Daarom keek ik vreemd op van een wielrenner die ik in de ochtend uit mijn werkkamerraam voorbij zag komen, stevig ingepakt, maar dat was ook doodgewoon voor de tijd van het jaar. Hij droeg geen mondmasker. En kijk, daar rijden er weer twee, inmiddels vroeg in de avond.

In de auto reed ik na het middaguur de stad in. Gelet op de sfeer van algemeen alarm en waarschuwingen en de straatverboden in diverse grote buitenlanden viel me op hoe druk het was in de stad. Utrecht was levendig, stond niet stil. Voor de apotheek in de Biltstraat zag ik een forse rij mensen, tamelijk dicht op elkaar. In de medicijnenzaak zelf moest iedere klant op dik een meter uit elkaar geplaatste emoticons plaats nemen.

Op de radio had ik het advies gehoord om het bos in te gaan en dat volgde ik op. Eerst kwam ik langs het Wilhelminapark. Daar was het een en al lente. Het was een bijzonder vrolijk gezicht: overal plukjes voetballende kinderen, oudere meiden bezig met sierlijke frisbeeworpen. Een moeder op een kleed met een bal tegen een boom gezeten.

Het waren dus vooral jonge mensen die zich net als anders niet de kans lieten ontnemen om alvast een lentedag te vieren. Ze zagen er ook niet uit alsof ze obstinaat bezig waren om alle waarschuwingen in de wind te slaan. Op elkaar letten, zoals aanbevolen door premier Rutte, deden ze ook niet. Ze waren vooral aan het buiten spelen. Omdat het kon. Omdat ze het wilden.

Bij de ingang van Amelisweerd stond de stalling vol met fietsen. Een vader tilde zijn dochter uit haar zitje om met haar te gaan wandelen. Zo waren er meer, stellen, enkelingen. Aan de overkant van de beek voor de witte villa lag een verliefd stel in jassen op een deken. Vlak voor hen stond een zwaan te stralen in het stille water.

Heerlijk, de lente in tijden van corona.

De ingang van Amelisweerd.

Jeroen Wielaert

Jeroen Wielaert maakte furore als radioverslaggever bij de NOS en programmamaker bij andere omroepen. Hij start door als podcastier. Voor De Nuk schrijft hij regelmatig over opvallende Utrechtse zaken.

9 reacties

Reageren
  1. Je laat de zon schijnen Jeroen, hij schijnt letterlijk op t moment maar nu ook in huis🌞

  2. Een zonnige lentedag zoals alle zonnige lentedagen. Geniet, speel, lach en mijd de massa… . 🍀

  3. Bij het lezen van de column van de heer Wielaert schoot er een schunnig boek van Honoré de Balzac door me heen. De titel ben ik helaas vergeten. U wordt bedankt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *