Even bellen met Jos Stelling

Het uitgestelde pensioen van Jos Stelling: Slachtstraat, nu een film en straks een boek

Jos Stelling in actie (foto Max de Blok)

De opening van filmtheater Slachtstraat was een feestje in drie delen. Een voor vrienden en pers, een voor donateurs en een voor de medewerkers van LHC en Springhaver. Met bewondering keek cultuur minnend Utrecht naar de wederopstanding van de plek waar ooit het legendarische culturele centrum ’t Hoogt was gevestigd.

Veel felicitaties op social media voor Jos Stelling die het toch maar weer flikte. Ondernemen zonder een cent subsidie. Een prestatie die door de gemeente kennelijk over het hoofd is gezien: een bloemetje bleef uit. Veel tijd om te genieten had Stelling overigens niet. Een week na de opening vertrok hij voor zes weken naar Duitsland voor de opnamen van zijn nieuwste film: De Dans van Natasja.  

Lang voor er gesproken werd over Slachsttraat waren er plannen voor een film. Want je zou het bijna vergeten maar Stelling is naast exploitant van drie filmtheaters ook een gelauwerd cineast. Zijn laatste film Het Meisje en de Dood beleefde zijn première  alweer tien jaar geleden. Het script voor De Dans van Natasja lag al een tijdje in de la toen Stelling zich meldde bij het filmfonds, daar de nodige financiële ondersteuning kreeg en met het echte werk kon beginnen. De afgelopen jaar werd een sterk staaltje multitasken. Nauwgezet de bouw van Slachtstraat in de gaten houden en tevens locaties zoeken, een crew formeren en acteurs (onder meer Gouden Kalf-winnares Hadewych Minnis en Penoza-sterspeler Loek Peters) casten. Dat alles met de door corona veroorzaakte vertragingen.  

Hadewych Minnis tijdens de opnamen van De Dans van Natasja (foto: Max de Blok)

We bellen hem in Leipzig.

“Het gaat hier heel goed,” zegt Stelling terwijl hij locatieonderzoek doet op een oud station. “We hebben een sterke Nederlandse crew met de geluidsman en cameraman waar ik al jaren meewerk. Er zijn fantastische acteurs. Iedereen is enthousiast over wat we tot nu toe gefilmd hebben. Het is onvoorstelbaar dat we nu “De Dans van Natasja” echt maken. Acht jaar zit dat script in mijn hoofd, acht jaar denk ik aan de openingsscene in een sigarenwinkel. En dan heb je eindelijk het moment dat we die winkel filmen, het voelt bijna onwerkelijk. We maken lange dagen maar dat geeft niet. De sfeer is uitstekend, er wordt veel gelachen. Er is een wat merkwaardige Duitse opnameleider. Die is tot een soort gemeenschappelijke vijand gemaakt. Dat heeft hij zelf niet door. Humor is heel belangrijk op de set. We hebben nog wel te maken met corona. Er staat permanent een brandweerauto en ziekenwagen bij de opnamen. Het heeft allemaal te maken met de verzekering. We lopen met mondkapjes en worden drie keer dag getest. Wie positief is getest, moet vijf dagen in quarantaine op zijn kamer. Steffi, het meisje dat de testen uitvoert, is een schatje. Er zijn mensen op de set die wel vijf keer per dag getest willen worden. “ En dan moet hij ophangen. “Ze roepen me.”  

Vijf minuten later zetten we het gesprek voort. Is het niet lastig om zo kort na de opening Slachstraat voor zes weken los te laten?  

“Dat kan ik prima. Geen nieuws is goed nieuws. En er is wel af en toe contact. Met Roos (dochter van Stelling, red) overleg ik wekelijks over de programmering. En verder hoef ik me geen zorgen te maken. Utrecht redt het wel even zonder mij. Daarnaast, Roos komt binnenkort langs en mijn vrouw Liane waarschijnlijk ook. Om te koken?  Helaas niet, ze kookt als een topkok dus zo iemand zou hier heel welkom zijn. Want laten we het over het eten hier maar niet hebben. Daar worden al genoeg grappen over gemaakt.”

Nog drieënhalf week filmen in Duitsland,  daarna nog een paar dagen in Tegelen en dan zit het erop. De Dans van Nastasja zal in het najaar of voorjaar 2023in première gaan. Vervolgens pensioen?  

“Welnee, dan ga ik een boek schrijven. Veel mensen hebben daarop aangedrongen. Geen idee of er een groot publiek voor is, maar er zijn nog zoveel mooie anekdotes te vertellen.”  

De eerste film die Stelling maakte was de klassieker Mariken van Nieumeghen. Vorig jaar ging hij voor De Nuk terug naar het Buurkerkhof, de plek waar een groot deel van de opnamen plaatsvond.

Redactie

5 reacties

Reageren
  1. Nog geen bloemetje van de gemeente? Hoe kleinzielig kan je als gemeente zijn?

  2. Nooit begrepen waarom het zo lang duurde dat Jos Stelling weer met een nieuwe film kwam. Ik ben zeer benieuwd. Het Meisje en de Dood was een monument.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *