partnerbijdrage

Hoe vaak moet je een vloerkleed reinigen?

Een vloerkleed maakt een kamer meteen warmer en zachter, maar het vangt ook veel op. Stof, huidschilfers, kruimels, zandkorrels en vocht zakken dag na dag in de vezels. Omdat dat langzaam gaat, valt het nauwelijks op tot het kleed dof oogt of begint te ruiken. De vraag hoe vaak je een vloerkleed moet reinigen heeft geen enkel antwoord dat voor iedereen klopt. Het hangt af van waar het kleed ligt, wie er overheen loopt en van welk materiaal het gemaakt is. Hieronder lees je hoe je dat voor jouw situatie bepaalt.

Dagelijks, wekelijks en per seizoen

Reinigen bestaat uit meerdere niveaus, en het helpt om die uit elkaar te houden. Op dagelijkse basis gaat het vooral om zichtbaar vuil: een gemorste slok, een kruimelspoor of wat zand bij de deur. Hoe sneller je dat weghaalt, hoe minder kans dat het in de vezels trekt.

Wekelijks stofzuigen is de belangrijkste gewoonte om een kleed langer mooi te houden. Zandkorrels werken namelijk als schuurpapier: ze schuren bij elke voetstap langs de vezels en maken het kleed dof. In een druk huishouden mag dat gerust twee keer per week. Zuig rustig en in meerdere richtingen, want het meeste vuil zit dieper dan je denkt.

Daarnaast is er de grondige beurt, waarbij het kleed echt tot in de vezels wordt gereinigd. Dat is het niveau waar de meeste mensen aan denken bij “reinigen”, en ook waar de meeste twijfel zit over de frequentie. Voor de meeste kleden in een gemiddeld huishouden is dat één tot twee keer per jaar. Een goed moment is aan het begin en aan het einde van het stookseizoen, omdat je in de winter meer binnen leeft en het kleed dan zwaarder belast wordt.

Wat de frequentie echt bepaalt

De ligplaats weegt het zwaarst. Een kleed in de hal of woonkamer krijgt veel meer te verduren dan een kleed in de logeerkamer. Loop je met schoenen over het kleed, dan versnelt dat de vervuiling flink, omdat schoenen straatvuil en vocht meenemen.

Ook je huishouden telt mee. Met jonge kinderen of huisdieren komt er meer op het kleed terecht: gemorst eten, haren, moddervoeten en soms een ongelukje. Haren en huidschilfers van dieren trekken bovendien huisstofmijt aan, wat vervelend is als er iemand in huis allergisch is. In dat geval is vaker en grondiger reinigen geen luxe maar gezondheidswinst.

Tot slot speelt het materiaal een grote rol. Wol is van nature vuil- en vochtafstotend en vraagt daardoor minder snel een grote beurt, maar is wel gevoelig voor verkeerde reinigingsmiddelen. Synthetische kleden van bijvoorbeeld polypropyleen kunnen tegen een stootje en zijn makkelijker schoon te maken. Zijde, viscose en andere delicate materialen zijn juist kwetsbaar en kunnen bij een verkeerde aanpak kringen of verkleuring krijgen. Weet je niet zeker waar je kleed van gemaakt is, ga dan uit van de voorzichtige kant.

Signalen dat het tijd is

Naast een vast schema loont het om naar het kleed zelf te kijken en te ruiken. Een paar duidelijke signalen dat een grondige reiniging niet langer kan wachten:

De kleuren ogen dof of grauw, terwijl ze ooit fris waren. Dat komt bijna altijd door een fijne laag stof en zand tussen de vezels.

Er hangt een muffe of zurige geur, ook nadat je hebt gestofzuigd. Geur zit meestal dieper in het kleed dan aan de oppervlakte en verdwijnt niet met luchten alleen.

Je ziet looppaden: banen die zichtbaar platter of vuiler zijn dan de rest, precies waar mensen lopen.

Bij het stofzuigen komt er steeds opnieuw veel vuil naar boven, ook al heb je pas gezogen.

Iemand in huis heeft meer last van niezen, jeuk of een verstopte neus, wat op ophoping van huisstofmijt kan wijzen.

Herken je meerdere van deze punten, dan is wachten tot je vaste reinigingsmoment niet verstandig.

Zelf reinigen of laten doen

Voor licht onderhoud kun je veel zelf. Vlekken pak je het beste meteen aan: dep ze op met een schone doek in plaats van te wrijven, want wrijven duwt de vlek dieper de vezel in. Werk van buiten naar binnen zodat de vlek niet uitloopt. Gebruik zo min mogelijk water, omdat een kleed dat vanbinnen nat blijft kan gaan schimmelen of ruiken. Test een schoonmaakmiddel altijd eerst op een klein, onopvallend hoekje.

Er zijn grenzen aan wat je thuis voor elkaar krijgt. Een groot of zwaar kleed krijg je nooit echt tot in de kern schoon met een stofzuiger of huurmachine, en juist daar zit het diepe vuil. Bij wol, zijde of viscose is het risico op schade groot als je met te veel water of een verkeerd middel werkt. En als een kleed door en door vies is of blijft ruiken, schiet oppervlakkig poetsen tekort. Voor die gevallen is een gespecialiseerde Kleda reiniging een veiliger keuze, omdat een kleed daar in een gecontroleerde omgeving wordt gewassen en volledig doorgedroogd, zodat er geen vocht in de vezels achterblijft.

Zo houd je je kleed langer mooi

Tussen de reinigingsbeurten door maakt een paar simpele gewoonten veel verschil. Leg een deurmat bij elke buitendeur, want het meeste zand en straatvuil komt binnen aan schoenzolen. Trek schoenen uit als dat kan. Draai het kleed twee keer per jaar een halve slag, zodat slijtage en zonlicht gelijkmatig verdelen en er geen vaste looppaden ontstaan. Gebruik onder een los kleed een antisliponderkleed: dat voorkomt schuiven en vangt een deel van het schuren op. En zet zware meubels niet altijd op exact dezelfde plek, want diepe indrukken in de vezels zijn lastig weg te krijgen.

Als je dit optelt, komt het hierop neer. Stofzuig wekelijks, ruim vlekken meteen op en geef een normaal belast kleed één tot twee keer per jaar een grondige beurt. Ligt het kleed op een drukke plek, heb je huisdieren of jonge kinderen, of is het van een kwetsbaar materiaal, dan mag dat vaker en laat je het grote werk beter aan een specialist over. Zo blijft een vloerkleed jarenlang zacht, fris en mooi.

Logo De Nuk
Auteur

Gesponsord

Laat uw reactie achter

Reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *