Nieuwe elektriciteitsaansluitingen zijn in het grootste deel van de provincie Utrecht vanaf 1 juli tijdelijk niet meer mogelijk. Dat heeft staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei gisteren bekendgemaakt. Dit is voor het eerst dat er écht geen ruimte meer op het net is. Het treft ook de stad Utrecht.
Aanvragen voor nieuwe aansluitingen komen op een wachtlijst terecht. Een aansluitstop voor grootverbruikers geldt al twee jaar, maar nu komen dus ook kleinverbruikers op de wachtlijst. Wanneer er wel weer nieuwe aansluitingen mogelijk zijn, is nog niet te zeggen.
De stop geldt voor de regio in de driehoek Breukelen, Driebergen en Vianen. Voor bestaande huizen betekent dit dat zij geen zwaardere aansluiting kunnen krijgen. Die is vaak nodig voor bijvoorbeeld een inductiekookplaat, laadpaal voor de deur of zonnepanelen op het dak.
Bouwend Nederland noemt het “een hard gelag” voor woningzoekenden en bouwers dat in een deel van Utrecht geen nieuwe aansluitingen meer op het stroomnet mogelijk zijn. “Dit laat zien hoe problemen op sommige plekken kunnen opstapelen tot het punt van stilstand”, aldus de bouwbranche.
De aansluitstop komt niet uit het niets. De burgemeester van Utrecht, Sharon Dijksma, zegt dat ze de Rijksoverheid al veel eerder hebben gewaarschuwd. Ze spreekt van een “bittere pil”. Ook zegt ze dat de gemeente “het er zeker niet bij laat zitten”. Het Utrechtse gemeentebestuur stuurde eerder al een impactanalyse van de aansluitstop naar de raad.
De gevolgen
Uit die analyse blijkt dat de economische schade voor de gemeente Utrecht wordt geschat op €75 tot €225 miljoen per jaar. En dit gaat alleen nog maar over de gevolgen van een wachtlijst voor grootverbruiksaansluitingen. De impact van een totale aansluitstop, zoals nu is aangekondigd, valt nog hoger uit. Ook betekent het dat 750 tot 2250 banen per jaar niet of later ontstaan. Dit raakt niet alleen kennisintensieve functies, staat in de analyse, maar ook werknemers in de logistiek, retail, horeca, zorg, onderwijs en techniek.
De impactanalyse waarschuwt ook voor “toenemende polarisatie, competitie om schaarse middelen, verminderde sociale cohesie, meer dakloosheid, overlast en een toename van demonstraties vanuit maatschappelijke onvrede”.
Oplossing
“De ultieme oplossing is het uitbreiden van hoogspanningsstations in Breukelen en Utrecht Noord”, legt staatssecretaris Jo-Annes de Bat uit. Netcongestie in Utrecht wordt inderdaad voor een groot deel veroorzaakt door een tekort op het landelijke hoofdnet van Tennet, met de grootste flessenhals bij station Breukelen-Kortrijk. De oplossing hiervoor ligt dan ook grotendeels in de bouw van het nieuwe transformatorstation Utrecht-Noord, blijkt uit de impactanalyse van de gemeente.
Uit de impactanalyse blijkt echter ook dat de realisatie van dit nieuwe station recent is vertraagd. De oplevering staat nu gepland voor de periode 2033-2035. Dit is tegen de wens van de regio in, die eist dat het uitgangspunt 2031 wordt. Mocht het lukken om de bouw te versnellen naar 2031, bijvoorbeeld door de inzet van crisiswetgeving, dan is een belangrijk deel van de Utrechtse congestie veel eerder opgelost.
Veel partijen in de Tweede Kamer hebben woensdag hun zorgen geuit over de aangekondigde stop voor nieuwe stroomaansluitingen. Pieter Grinwis van de ChristenUnie vroeg woensdag in een debat over netcongestie waarom het zo lang duurt voordat nieuwe stations worden gebouwd. “Kunnen wij alleen nog maar pennenlikken? Het is toch onacceptabel om met droge ogen te beweren dat het station pas in 2031 wordt opgeleverd?”
Crisisaanpak
Provincies willen nu snel een crisisaanpak voor het overvolle stroomnet. Zonder acute maatregelen dreigen ook in andere gebieden aansluitstops, zegt Utrechts gedeputeerde Huib van Essen, die ook bestuurder is bij het Interprovinciaal Overleg (IPO). Het IPO roept de regering op om meer geld uit te trekken voor warmtenetten en waterstof, om de gevolgen van de netcongestie beter op te kunnen vangen.