Op het Rotterdams Parool, waar ik in 1958 als leerling-journalist begon,
mocht je boven je artikel geen kop in vragende vorm zetten De gedachte daarachter was dat de lezer niet zit te wachten op vragen van de krant, maar in plaats daarvan antwoorden wil op zijn eigen vragen. Een plausibele opvatting, waartegen ik acht jaar daarvoor in mijn eigen, handgeschreven krant De Detective trouwens gezondigd heb. Boven het grootste artikel op de voorpagina (in vakjargon: de opening) stond in royale letters: ‘Komt er oorlog in Korea?’ (Die zat er bijna onafwendbaar aan te komen, en werd een paar maanden later een feit)..
Al een hele tijd lees ik ’s morgens in bed de krant, in digitale versie. En wat me dan opvalt is dat de Volkskrant en de NRC tegenwoordig grossieren in koppen in vragende vorm. De NRC heeft er helemaal een handje van. Laatst vier pagina’s achter elkaar.
Het schiet op die manier wel op. De krant weet het niet, en ik weet het ook niet, dus overslaan.
Met Fokke & Sukke doe ik dat nooit. Dat zijn vrienden. En in de Volkskrant
lees ik altijd Jolanda Withuis en Max Pam.
Behalve die twee zogenaamde kwaliteitskranten heb ik dankzij vrienden en familie ook nog toegang tot het AD/UN en De Telegraaf. Haast geen kunst en cultuur, maar wel veel sport en andere verstrooiing.
En natuurlijk het Utrechtse nieuws. Bijvoorbeeld dat het rijk niet wil meebetalen aan een tramlijn naar de geplande wijk Rijnenburg, verscholen achter verkeersplein Oudenrijn. Zonder die tram gaat de bouw niet door. Is dat erg? Wat mij betreft niet. Utrecht is al groot genoeg.
Goed, ik lees maar een fractie van al die artikelen en berichten in al die kranten, maar toch ben ik als ik opsta toch aardig bijgepraat.
Is het genoeg?
‘Wie luistert weet meer’, peperen stemmen op de radio ons X keer per dag in.
Maar in de spits luisteren naar NPO Radio 1, met vier reclameblokken in een uur, dat trek ik niet. Het zal best dat Ruud Gullit profijt heeft van Vitaepro, dat een stoel van Prominent lekker zit, dat je bij Eva Hoeke aan de keukentafel kunt leren columns schrijven. Maar ik wil het niet meer horen. En dat hoeft gelukkig ook niet. Want tegenwoordig kun je alles terug- en vooruitspoelen Je luistert of kijkt alleen naar wat je interessant lijkt. Pure vooruitgang.
Maar ’s avonds zit ik toch vast aan ‘live’. Ik kan namelijk niet wachten tot ‘Met het oog op morgen’ om twaalf uur is afgelopen en dan terugspoelen. Dat wordt me veel te laat, dat kost me m’n nachtrust. Dus moet ik het nemen zoals het in real time valt, en dat valt de laatste tijd niet mee.
‘Het oog’ gaat volgens de aankondiging vooral over ‘de ontwikkelingen en achtergronden van het nieuws’. Na een nogal willekeurige opsomming van wat artikelen in de landelijke kranten van de volgende dag, een paar meestal Engelstalige liedjes (nooit bijvoorbeeld Duits of Spaans, en als het Italiaans is dan is het altijd Paulo Conti) volgen inderdaad enkele onderwerpen die er toe doen. Maar tegen half twaalf wordt het kwakkelen, met afleveringen van series die zijn klaargezet voor komkommertijd, zoals ‘jonge denkers’ of ‘muziek die populair was in het eerste jaar van Het oog’ (terwijl het helemaal geen komkommertijd is, want buiten is er volop nieuws).
In het begin dacht ik dat er daarna misschien nog iets kwam, maar die hoop heb ik opgegeven. Dat klinkt negatief, maar zo moet je dat toch niet helemaal zien.
Lekker een half uurtje vroeger op één oor.
Laat uw reactie achter
Reactie